Suiker

 

Ongeveer 80% van de suiker op aarde wordt gemaakt van suikerriet (de overige 20% wordt gemaakt van suikerbieten), een hoog bamboeachtig gras dat tot 6 meter hoog wordt en vooral wordt gekweekt in tropische landen door miljoenen boeren en plantagearbeiders.

De mensen die suikerriet kweken, kunnen maar moeilijk van dit gewas leven. En desondanks zijn de suikerboeren voor hun inkomen bijna volledig afhankelijk van de verkoop van suikerriet. Ze verkopen hun riet aan suikerfabrieken, die het verwerken. De prijs die ze daarvoor krijgen, volstaat vaak niet om hun productiekosten te dekken, waardoor ze in een schuldenval terechtkomen en maar weinig geld hebben om te investeren in hun boerderij.

Dit heeft gevolgen voor de hele gemeenschap, want suikerrietboeren zijn vaak afhankelijk van hulp van hun familie, waardoor de mensen minder kansen hebben op onderwijs en de armoedecirkel wordt bestendigd. Dit betekent ook dat de suikerrietproducenten niet de nodige steun krijgen om te kunnen inspelen op de uitdagingen van de veranderende situatie op de markt, zoals toegang tot financiering voor investeringen ter verbetering van hun productie (in meststoffen en transport bv.), landbouwvorming en nieuwe en betere technologieën.

Wereldwijd is suiker nochthans een van de meest waardevolle landbouwgrondstoffen, in 2013 goed voor 42 miljard dollar (gestegen van 10 miljard dollar in 2000). De wereldwijde suikerindustrie is uitgebreid en complex. Kleine boeren die hun suikerriet moeten verkopen, hebben jammer genoeg dus maar weinig invloed op deze handel. Door de internationale regelgeving op de suikerimport konden kleine boeren traditioneel maar moeilijk toegang krijgen tot de lucratievere markten in Europa en Noord-Amerika. Ze staan in concurrentie met machtigere en rijkere landen, die meer financiële middelen aan de suikerproductie kunnen besteden en meer politieke macht hebben om hun suikerindustrie te subsidiëren en te promoten. 

Fairtradesuiker werd in de jaren ‘90 voor het eerst gelanceerd, om de positie van de kleinschalige suikerriettelers en de gemeenschappen die van de teelt afhankelijk zijn, te verbeteren. Dankzij de Fairtrade certificatie en door samen te werken met suikerrietverwerkers, krijgen de suikerrietboeren betere toegang tot internationale markten en verwerven ze de zakelijke vaardigheden en de technische capaciteit om beter te kunnen concurreren op de wereldmarkt. Momenteel is de suiker van 99 boerenorganisaties die 62.700 kleine suikerrietboeren vertegenwoordigen, door Fairtrade gecertificeerd. Het gaat onder andere om boeren in arme landen als Malawi, Mozambique en Swaziland.

In tegenstelling tot wat geldt voor veel andere producten, is er geen Fairtrade minimumprijs voor suiker. Een stakeholderonderzoek over de suikerstandaarden in 2009 wees op de complexiteit van de prijsvorming in de suikersector – een sector die wordt gekenmerkt door structurele verschillen in de toeleveringsketen van suiker, door de overheid bepaalde prijzen en verstoringen omwille van de internationale handelsregels. De conclusie luidde dat het doeltreffender was om de suikerprijzen te laten onderhandelen tussen de producenten en de handelaars, in plaats van via het mechanisme van minimumprijzen.  

De belangrijkste economische voorziening in de Fairtrade suikerstandaarden is de Fairtrade premie van 60 dollar per ton suiker (80 dollar per ton voor gecertificeerde biologische suiker), zo kunnen de suikerrietboeren investeren in wat hen het beste lijkt.

Zoete weetjes

Meer informatie